Kwaliteitsgraden, bewaren, reinigen (of liever niet), ruilbeurzen en de woorden die verzamelaars gebruiken.

Wat betekenen G, ZG, F, ZF, Pr en FDC, het verschil tussen proof en BU, de Amerikaanse schaal van 1 tot 70, en hoe je zelf de staat van een munt inschat.

Nooit poetsen, patina laten zitten, alleen gedestilleerd water: wat je wel en niet doet met vuile munten, per metaal, en wanneer je een specialist inschakelt.

Hoe een muntenbeurs werkt, wat je meeneemt, hoe je onderhandelt en ruilt, en waar je op let om geen vervalsing of te dure munt mee naar huis te nemen.

Avers, revers, randschrift, muntteken, patina, proof, oplage, misslag: de woorden die je in catalogi en op beurzen tegenkomt, kort en helder uitgelegd.

Een thema kiezen, munten bewaren zonder pvc, een inventaris bijhouden, verstandig kopen en je verzameling beschermen: praktische raad voor beginnende verzamelaars.