Numismatic.be
Munten verzamelen in België
Home EuroGeschiedenisVerzamelen Over onsContact
Euromunten · Muntgeschiedenis · Verzamelen
Numismatic .be
Euromunten, oude munten uit de Zuidelijke Nederlanden en praktische raad voor verzamelaars
Home › Muntgeschiedenis › Dendermonde en zijn munten: geld in een Vlaamse vestingstad
Muntgeschiedenis · Lokale geschiedenis

Dendermonde en zijn munten: geld in een Vlaamse vestingstad

Dendermonde en zijn munten: geld in een Vlaamse vestingstad

Dendermonde ligt waar de Dender in de Schelde uitmondt. Die ligging maakte de stad eeuwenlang tot een handelsplaats en een vesting: wie de rivieren beheerste, beheerste het verkeer tussen Gent, Antwerpen en Brussel. Waar handel is, is geld. Aan de hand van Dendermonde vertellen we hoe het geld in een middelgrote Vlaamse stad veranderde, van de middeleeuwen tot de euro. Het verhaal geldt in grote lijnen voor heel de streek tussen Schelde en Dender.

Deze pagina is een algemene muntgeschiedenis. Ze heeft geen band met een numismatische kring of vereniging uit Dendermonde.

De middeleeuwen: in het graafschap Vlaanderen

In de middeleeuwen hoorde Dendermonde bij het graafschap Vlaanderen. Het geld dat er circuleerde was in de eerste plaats Vlaams geld: zilveren penningen en later de groot, een grotere zilvermunt die vanaf de dertiende eeuw de ruggengraat van het geldverkeer werd. De grote munthuizen van het graafschap stonden in steden als Gent en Brugge; het geld dat in Dendermonde rondging, kwam voor een groot deel van daar.

Een middeleeuwse markt kende niet één munt. Kooplieden kregen te maken met Brabantse, Henegouwse, Franse en Engelse munten, elk met hun eigen gewicht en gehalte. Geldwisselaars woegen en beoordeelden die munten, en de stadsrekeningen werden in een rekenmunt bijgehouden: ponden, schellingen en penningen, eenheden die niet altijd als echte munt bestonden.

De Bourgondiërs: één muntstelsel voor de Nederlanden

Toen de hertogen van Bourgondië in de vijftiende eeuw de meeste gewesten van de Nederlanden in hun hand hadden, gingen ze ook het geld eenmaken. Onder Filips de Goede kwam er een gemeenschappelijk muntstelsel voor Vlaanderen, Brabant, Holland en Henegouwen. Voor een stad als Dendermonde betekende dat minder wisselen en meer vertrouwen in de munten die over de toonbank gingen.

De Habsburgers en de Spaanse tijd

Onder Karel V en zijn opvolgers werden de Nederlanden deel van een wereldrijk. Het Amerikaanse zilver dat via Spanje naar Europa stroomde, liet zich ook in onze streken voelen. Bekende munten uit die periode zijn de Karolusgulden en later de grote zilveren Filipsdaalder.

Na de scheiding van Noord en Zuid op het einde van de zestiende eeuw bleef Dendermonde in de Zuidelijke Nederlanden. De aartshertogen Albrecht en Isabella lieten in het begin van de zeventiende eeuw nieuwe grote zilvermunten slaan, zoals de patagon en de dukaton, die tot ver buiten de grenzen gewaardeerd werden. Voor een vestingstad met een garnizoen was er veel geld in omloop: soldaten moesten betaald worden, en de soldij werd in de stad uitgegeven.

De Oostenrijkse Nederlanden

In de achttiende eeuw kwamen de Zuidelijke Nederlanden onder de Oostenrijkse Habsburgers. De bekendste munt uit die tijd is de kronenthaler, een zilveren munt met het Bourgondische kruis en kronen, die onder Maria Theresia werd ingevoerd. Hij circuleerde zo lang en zo breed dat hij ook buiten de Nederlanden een begrip werd. Daarnaast bestonden er gouden souvereinen en een hele reeks kleine zilver- en kopermunten voor het dagelijkse leven.

Wie in een Dendermondse nalatenschap of bij een bodemvondst oude munten aantreft, heeft een goede kans dat ze uit deze periode stammen: ze werden in grote aantallen geslagen en bleven lang in gebruik.

Franse frank, Nederlandse gulden, Belgische frank

Op het einde van de achttiende eeuw werden de Zuidelijke Nederlanden bij Frankrijk ingelijfd. De frank deed zijn intrede, een decimale munt met een vast gewicht aan zilver. Na de val van Napoleon hoorde Dendermonde bij het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en betaalde men met de gulden. Na de Belgische onafhankelijkheid kwam er in 1832 een eigen Belgische frank, gebaseerd op het Franse model.

De Belgische frank zou bijna 170 jaar meegaan, tot de euro hem in 2002 verving. Wie de muntgeschiedenis van een Belgische stad verzamelt, heeft dus vier systemen op één eeuw tijd: Oostenrijks geld, Frans geld, Nederlands geld en Belgisch geld.

1914 en het noodgeld

In september 1914 werd Dendermonde door het Duitse leger grotendeels in brand gestoken. De oorlog bracht in heel België ook een bijzondere vorm van geld voort: noodgeld. Omdat munten schaars werden, gaven gemeenten, banken en bedrijven eigen biljetten of bons uit. Dat noodgeld is vandaag een apart en boeiend verzamelgebied. Welke uitgiften er voor een bepaalde gemeente bestaan, zoek je het best op in een gespecialiseerde catalogus van Belgisch noodgeld.

Penningen: de stad in metaal

Naast munten verzamelen veel mensen penningen: gedenkpenningen, prijspenningen van wedstrijden, penningen van verenigingen en tentoonstellingen. Ze zijn geen betaalmiddel, maar vertellen de lokale geschiedenis vaak beter dan munten: een jubileum, een nieuw gebouw, een stoet, een prijs voor de beste duivenmelker. Voor een stad met zo’n rijke folklore als Dendermonde is dat een dankbaar terrein.

De muntgeschiedenis van je eigen stad onderzoeken

Wie wil weten welk geld er in zijn stad circuleerde, kan op verschillende plaatsen terecht:

  • Stadsarchief en rijksarchief: stadsrekeningen, ordonnanties over de waarde van munten, inventarissen van nalatenschappen.
  • Musea: muntenkabinetten bewaren vaak vondsten uit de streek.
  • Muntvondsten: schatvondsten tonen welke munten op een bepaald moment samen in omloop waren. Wie zelf iets vindt, meldt dat volgens de geldende regels; ga niet zelf aan de slag met reinigen (zie munten reinigen).
  • Catalogi en vakliteratuur over de munten van de Zuidelijke Nederlanden.
  • Numismatische verenigingen: lokale kringen organiseren lezingen en ruildagen en hebben vaak een bibliotheek.

Een lokale verzameling hoeft niet duur te zijn. Een kopermuntje uit de Oostenrijkse tijd, een Belgische frank uit 1914, een penning van een plaatselijke tentoonstelling: samen vertellen ze het verhaal van een stad.

Lees verder over de munten van de Zuidelijke Nederlanden en de numismatische woordenlijst.

Dit artikel kan partnerlinks bevatten. Die hebben nooit invloed op wat we schrijven.